Online vaardigheden leren (5): koken en schoonmaken op afstand, hoe doe je dat?

Dit is het vijfde deel in de serie over online vaardighedenonderwijs. Deze keer vertelt docent Janine van Dijkover het online vaardighedenonderwijs van het vak ‘Wonen en Huishouden’. Dit vak is onderdeel van de opleiding Dienstverlening, uitstroomprofiel Helpende Zorg en Welzijn (niveau 2) van het Deltion College.

Janine van Dijk vertelt over de uitdagingen en aanpak van op afstand leren koken en schoonmaken. 

Het vaardighedenonderwijs pre-corona

“Wonen en Huishouden is een vak waarin studenten veel vaardigheden leren: koken, schoonmaken en mensen ondersteunen bij het eten en drinken. Normaal gesproken gebeurt dat natuurlijk allemaal op school en op de stage. Wanneer studenten op school een kookopdracht moeten doen dan liggen daar alle materialen en ingrediënten klaar. Bij Deltion waren we al voor de coronacrisis bezig met afstandsonderwijs organiseren; bij veel opleidingen was een dag per week online onderwijs heel normaal. Zelf heb ik eerder al een cursus gevolgd om afstandsonderwijs op te zetten. Voor bepaalde groepen studenten lijkt afstandsonderwijs mij namelijk erg geschikt.”

De overstap naar afstandsonderwijs: in verbinding blijven

“Toen het land in lockdown ging, hebben we besloten om het vaardighedenonderwijs Wonen en Huishouden op afstand te geven. Omdat ik eerder de cursus afstandsonderwijs had gevolgd was ik goed voorbereid. Natuurlijk hadden wij de eerste weken last van die typische beginnersuitdagingen met microfoons en haperende wifi, maar verder ging het heel goed. Het uitgangspunt is steeds geweest dat we in verbinding met de studenten wilden blijven, en dat de lessen door moesten gaan. De relatie met de student is bij ons op de opleiding cruciaal. Als die relatie goed is, dan lukt het de student meestal om de opleiding met goed gevolg af te ronden. Al het online onderwijs begonnen we én sloten we daarom af met studieloopbaanbegeleiding. Zo bleven we in verbinding met onze studenten en hadden we echt oog voor hen als individu. En zo konden we studenten ook de ruimte te geven om dingen te delen. Velen van hen liepen tijdens de lockdown stage in de zorg; zij maakten best heftige dingen mee.

Mijn tip voor andere docenten: de relatie met de student is heel belangrijk, zeker bij online onderwijs. Zorg voor goede communicatie, besteed aandacht aan de individuele studenten en gebruik humor.

Opdrachten die studenten vanuit huis moesten maken, waren onder andere een courgettesoep en een monchoutaart. Onze grootste uitdaging op dat moment was: hoe zorg je ervoor dat de studenten thuis alle benodigde materialen hebben? Je loopt er dan ook tegenaan dat studenten thuis beperkte middelen hebben, of niet weten wat een staafmixer is. En hoe controleer je de structuur van een monchoutaart, of de smaak van een courgettesoep? Een foto zegt niet alles. Daar hebben we dus iets voor bedacht: een extra formulier met vragen over de structuur, kleur en dergelijke. Soms vroeg ik een student om de kom geklopte slagroom even boven haar hoofd te houden, om zo de structuur te controleren. Humor is tenslotte ook belangrijk bij online onderwijs.

Vaardighedenonderwijs op afstand vraagt om die reden veel denkwerk vooraf door de docent. Alle wat als-scenario’s moet je van tevoren uit denken. Je kan niet ter plekke tegen een studenten zeggen dat hij het dan maar niet doet. Nee, je moet allerlei alternatieven klaar hebben liggen. En waar je ook mee te maken krijgt, is de thuissituatie van de student. Het huis van de student is nu het klaslokaal geworden. Je moet de lessen zó plannen dat de student niet moet gaan koken wanneer net het hele gezin zit te ontbijten.”

De planning van de kookopdracht vanuit huis
De planning van de kookopdracht vanuit huis

Van kookopdracht naar gezinsmaaltijd

“Al met al hebben de meeste studenten het onderwijs op afstand als heel positief ervaren. Zelf vind ik dit een effectieve manier van vaardigheden aanleren. Maar mijn collega’s en ik hebben ook gemerkt dat deze manier van lesgeven niet voor iedereen geschikt is. Binnen de opleiding hebben we ook groepen studenten die meer naar elkaar toe trekken tijdens opdrachten, en elkaar meer nodig hebben om tot een goed resultaat te komen. Voor hen was het lastiger om vanuit huis dit soort opdrachten te doen.

Naast de positieve ervaringen met het vaardighedenonderwijs op afstand waren er ook andere leuke neveneffecten. Onze studenten moesten thuis aan de slag met de kookopdrachten; wij zorgden ervoor dat ze van tevoren alle benodigde ingrediënten hadden. Niet elke student weet nu eenmaal wat een courgette is. Die student stond thuis te koken voor de opdracht, en het mooie is dat iedereen daar in huis nu die groente kent. Het hele gezin heeft zitten smullen van de courgettesoep en de monchoutaart van Deltion. Het onderwijs van de studenten is echt onderdeel van het gezin geworden. Dat is een positief effect, zeker als je zoals ik bezig bent met voeding en productkennis.”

Online vaardigheden oefenen en toepassen is op dit moment een van de grootste uitdagingen in het onderwijs. Reanimeren, koken, gesprekstechnieken, lab-opstellingen, fysiotherapeutische behandeling, interactie met een patiënt. Hoe zorg je ervoor dat studenten zulke vaardigheden online kunnen oefenen? Ook hiermee zijn docenten in het hele land creatief en innovatief aan de slag gegaan. In deze reeks delen we elke keer een inspirerend voorbeeld van online vaardighedenonderwijs in coronatijd.

Eerder verschenen in deze reeks: online oefenen op een simulatiepatiënt, online practicumonderwijs in het lab, meubels maken vanuit huis, en kritisch denken over onderwijs.

Tijdens de SURF Onderwijsdagen 2020 verzorgen Marije van Huffelen van het Deltion College en Michel Jansen de sessie 'Online onderwijs: hoe doe je dat met vaardigheden?' Deze serie artikelen is geschreven op basis van de gesprekken die zij voorafgaand hadden met zes docenten over hun inspirerende voorbeeld.

Author

Toets- en examenontwikkelaar, taalkundige, tekstschrijver en gecertificeerd…

Lotte Kips

Comments

Dit artikel heeft 1 reactie

Reactie van Lotte Kips

Door: Lotte Kips, Marije van Huffelen en Michel Jansen